Publiek-private samenwerking

Geneesmiddelonderzoek wordt uitgevoerd door publieke en private partijen. Hierbij werken geneesmiddelenbedrijven nauw samen met universiteiten en ziekenhuizen. Publiek-private samenwerking is goed voor de samenleving, en voor private en publieke onderzoekers, vindt de VIG. Nederland kent een goed ontwikkeld landschap van publiek-private initiatieven, dat verdere uitbouw behoeft.

De focus van publieke instellingen ligt op wetenschappelijk onderzoek naar het ontstaan en beloop van ziektes. Hierbij worden ziektemechanismen op een zeer gedetailleerd niveau in kaart gebracht. Soms komen hierbij ideeën op voor een nieuw geneesmiddel. Een academische instelling maakt vaak een start met het gerichte onderzoek naar een medicinale werking van een geneesmiddel, maar is niet ingericht op de doorontwikkeling. Bedrijven nemen deze middelen dan doorgaans over en betalen via een licentieovereenkomst een vergoeding aan de kennisinstelling. Daarnaast hebben bedrijven eigen onderzoeksprogramma’s naar nieuwe geneesmiddelen.

Vroege fase onderzoek
De ervaring leert dat het zeer effectief en lonend kan zijn voor private en publieke partijen om samen te werken. Geneesmiddelontwikkeling kan dan sneller en effectiever verlopen, waardoor de samenleving optimaal van deze samenwerking profiteert. Ook leren wetenschappers vanuit kennisinstellingen en bedrijven veel van elkaar.
Soms zijn nog meer partijen betrokken bij een samenwerking, bijvoorbeeld als farmaceutische bedrijven onvoldoende kunnen investeren, zoals bij de ontwikkeling van nieuwe antibiotica. Een ander sectoroverstijgend initiatief is het gezamenlijk screenen van chemische stoffen op een mogelijk therapeutische werking, iets dat al sinds 2013 plaats vindt in Oss (Pivot Park Screening Centre).

Nederland koploper
Nederland heeft in de afgelopen decennia een sterke positie opgebouwd in publiek-private samenwerkingen. Hier lagen grootschalige initiatieven als het National Genomics Initiative en het Topinstituut Farma aan de basis. Op dit moment vindt veel publiek-privaat onderzoek plaats onder de noemer van het Europese project Innovative Medicines Initiative (IMI). Op nationaal niveau zijn RegMedXB en Health-RI succesvolle voorbeelden.

Rol overheid
Geneesmiddelenontwikkeling vraagt om een lange adem, specifieke expertise en een ruim budget. De praktijk laat zien dat overheidsinitiatieven helaas vaak stoppen voordat er een geregistreerd innovatief geneesmiddel uit is ontsproten. Belangrijk aandachtspunt is ook dat de publiek-private samenwerking niet wordt verstoord door beperkende regels voor intellectueel eigendom of door publiek-private samenwerkingscontracten. Dit leidt namelijk tot de vlucht van kennis en bedrijvigheid uit Nederland en verzwakt de positie van onze wetenschap en – op lange termijn – onze zorg.
Publiek-private samenwerking is voor de overheid een kans om met relatief geringe investeringen veel voortgang te bieden op bepaalde medische terreinen.

Oplossingsrichting

  • Behoud de bestaande, goed functionerende publiek-private samenwerkingsverbanden en zoek nieuwe mogelijkheden voor samenwerking.
  • Tijdens de coronacrisis zijn tal van nieuwe samenwerkingen ontstaan, die hiervoor wellicht aanknopingspunten bieden.
  • Financier de initiatieven voldoende en gedurende een langere termijn, om zo de kans op succes te vergroten.